Tot nu toe ontbrak het in Enschede aan een concrete beleidsstrategie op het gebied van studentenhuisvesting. Beslissingen werden vooral genomen op basis van eerdere ervaringen en marktgevoelens. In 2007 is een Onderzoekscommissie Studentenhuisvestingsbeleid gevormd. Het doel van deze commissie is om op basis van feiten en cijfers voor de komende jaren een studentenhuisvestingsbeleid te bepalen, met als einddoel dat meer studenten Enschede als woonplek kiezen tijdens hun studie, maar ook daarna.
De onderzoekscommissie is gestart met het in kaart brengen van de huidige woonsituatie van de studenten die bij hoger onderwijsinstellingen in Enschede staan ingeschreven. Hiervoor is gebruik gemaakt van gegevens verstrekt door de IB-groep. Uit de analyse van de cijfers is gebleken dat van de 21.000 ingeschreven studenten in Enschede er dagelijks 12.000 studenten op en neer reizen. Dit is in vergelijking met de andere studentensteden een hoog aandeel pendelaars.
Naar de cijfers van de IB-groep heeft de commissie een onderzoeksbureau ingeschakeld. Het doel was een betrouwbaar inzicht bieden in de woonsituatie, woonmotivatie en woonwensen van voltijdstudenten die studeren aan de Enschedese instellingen voor hoger onderwijs nu en in de toekomst. In 2009 is een internetenquête gehouden. Het eindrapport van het onderzoeksbureau is begin 2010 gepresenteerd.
Dit zijn de belangrijkste conclusies uit het onderzoeksrapport
Enschede kent een ontspannen markt op het gebied van studentenhuisvesting. Buiten piekperiodes duurt het langer voordat de kwalitatief mindere eenheden zijn verhuurd.
Uit het onderzoek blijkt dat maar 10% van de Enschedese studenten bereid is om na de studie in Enschede te wonen. Dit zijn veelal studenten die momenteel ook al uitwonend in Enschede zijn. De belangrijkste redenen voor de woningmarktoriëntatie van studenten zijn de sociale contacten en de werkgelegenheid.
Marktpositie
Het onderzoek wijst uit dat de SJHT samen met Acasa een derde van de markt voor studentenhuisvesting in handen heeft. Ruim een kwart van de markt is eigendom van de woningcorporaties en een kwart bestaat uit de particuliere kamermarkt. Daarnaast is er ook nog een restgroep die huren bij een hospita, studentenvereniging, makelaar of anti-kraak bedrijven.
Aantal studenten in Enschede
Van de 44% studenten die in Enschede wonen, woont 33% in de stad en 11% op de Campus. Er blijkt een aanmerkelijke groep studenten niet in een studentenhuis te willen wonen.
Wanneer gekeken wordt naar het aantal Enschedese studenten, blijkt dat 41% thuiswonend is. Dit zijn vaak studenten van Hogeschool Saxion. Van de 59% uitwonende studenten woont slechts 38% in de stad zelf. Overige studenten wonen in Hengelo of andere omliggende gemeenten. Deze overige studenten zijn relatief vaak zelfstandige wonende studenten van Hogeschool Saxion.
Wooncarrière
De wooncarrière van studenten verschilt afhankelijk van de onderwijsinstelling. Studenten van Hogeschool Saxion wonen in het eerste studiejaar relatief vaak thuis, terwijl studenten van de Universiteit Twente veelal in onzelfstandige woonruimte wonen. Een algemene trend is wel dat studenten in latere studiejaren steeds meer zelfstandig gaan wonen.
Woonlasten
Zowel de huurprijzen voor studentenhuisvesting als op de reguliere woningmarkt zijn laag als gevolg van de ontspannen markt. In het onderzoek zijn de woonlasten per aanbieder vergeleken.
De SJHT verhuurt onzelfstandige eenheden met de laagste woonlasten per m2. Bij de zelfstandige eenheden hebben de studentenhuisvesters – SJHT en Acasa – hogere woonlasten per vierkante meters. Dit komt doordat studenteneenheden lagere vierkante meters hebben ten opzichte van reguliere wooneenheden. Echter blijkt er in het rapport een discrepantie aanwezig bij de woonvorm zelfstandige wooneenheid. Wanneer een student met meerdere personen (geen partner) een zelfstandige wooneenheid huurt bij een woningcorporatie wordt dit als zelfstandig ervaren, terwijl de SJHT dit formuleert als onzelfstandig, ten slotte huren de studenten elk een gedeelte van het appartement. Daardoor kan aan het bovenstaande gegeven met betrekking tot zelfstandige eenheden geen eenduidige conclusie worden verbonden.
Woonsituatie
De Enschedese studenten blijken tevreden met hun woonsituatie. Wanneer zij verhuisplannen hebben, is dit vooral omdat zij groter willen gaan wonen. Daarnaast is een duidelijke trend te zien van Enschede studenten die het onzelfstandig wonen overslaan, dus vanuit een thuiswoonsituatie direct in een zelfstandige woonruimte gaan wonen.
Woonwensen
Zelfstandige woonruimte blijkt veruit de populairste vorm te zijn. Dit is in overeenstemming met met de trend in Nederland waarin steeds meer een voorkeur bestaat voor zelfstandige woonruimte ten opzichte van onzelfstandige woonruimte.
Studenten blijken gemiddeld € 268,-- te willen betalen aan woonlasten voor een onzelfstandige woonruimte. Voor zelfstandige woonruimte is de student bereid om € 478,-- te betalen. Opgemerkt wordt dat een deel van de studenten op zoek is naar een reguliere zelfstandige woning, in plaats van een zelfstandige studenteneenheid.
Uit de analyse is gebleken dat de prijs van de woonruimte veruit het belangrijkste aspect is bij de keuze van volgende woonruimte. Dit geldt zowel voor onzelfstandige als zelfstandige woonruimte.
De wijk Binnensingelgebied blijkt veruit de populairste wijk onder Enschede studenten.
Toekomstige ontwikkelingen
De scholen voorzien de komende jaren een groei in het aantal studenten.
Acasa heeft aangegeven geen nieuwbouwplannen meer te hebben, maar te investeren in de bestaande voorraad door bijvoorbeeld het samenvoegen van twee kamers naar een ruime kamer.
Tijdens de expertmeeting – onderdeel van het onderzoek – is gebleken dat er momenteel geen sprake is van een tekort op de studentenhuisvestingmarkt. De markt is ontspannen en wanneer studenten woonruimte willen, kunnen ze woonruimte in Enschede vinden.
Het onderzoek concludeert dat wanneer de studenten eenmaal in Enschede wonen, de kans groter is dat ze ook na hun studie voor de stad Enschede kiezen. Daarnaast werd geconstateerd dat Enschede veel studenten in de reguliere woningvoorraad kent.
De markt voor studentenhuisvesting bestaat volgens het onderzoek uit drie submarkten:
- De markt voor de Campus
- De markt voor de binnenstad
- De markt van de goedkope reguliere voorraad
Aanbevelingen vanuit het onderzoek zijn dat elke submarkt een eigen toekomststrategie moet gaan formuleren. Daarnaast wordt geadviseerd om te investeren in kwaliteit bij nieuwbouw. Dit dient voornamelijk in de binnenstad plaats te vinden, vanwege de ambitie van de gemeente en de populariteit van het Binnensingelgebied onder studenten.